direct naar inhoud van Artikel 23 Water
Plan: Buitengebied Kaag en Braassem West
Status: voorontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1884.BPBUITENGEBIEDWEST-VO01

Artikel 23 Water

23.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. water ten behoeve van de waterhuishouding;
  • b. (recreatie)verkeer te water;
  • c. ter plaatse van de aanduiding 'dagrecreatie': tevens extensieve dagrecreatie met kleinschalige dagrecreatieve voorzieningen;
  • d. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie-zwemwater': tevens zwemwater;
  • e. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van recreatie-skischans': tevens een skischans ten behoeve van watersporten;
  • f. ondergeschikt groen;
  • g. bruggen, dammen en duikers ten behoeve van (langzaam) verkeer;
  • h. steigers;
  • i. beroepsvisserij.

23.2 Bouwregels

Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels:

  • a. op deze gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd ten behoeve van de waterbeheersing;
  • b. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, anders dan ten behoeve van de verkeersregeling of de verlichting, bedraagt ten hoogste 2 m;
  • c. bruggen, dammen en duikers mogen alleen worden gebouwd bij kruisingen met wegen en watergangen of indien noodzakelijk voor de ontsluiting van een (agrarisch) perceel;
  • d. voor de bouw van steigers gelden de volgende regels:
    • 1. per (bedrijfs)woning of recreatieonderkomen mag maximaal 1 steiger gebouwd worden;
    • 2. de breedte van de steiger mag ten hoogste 1 m bedragen;
    • 3. de lengte van de steiger mag ten hoogste 5 m bedragen;
    • 4. de steiger mag niet meer dan 3 m vanaf de kade het water insteken.

23.3 Afwijken van de bouwregels
23.3.1 Ten behoeve van openbare recreatieve voorzieningen

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunnig afwijken van het gestelde in lid 23.2, ten behoeve van de realisatie van openbare recreatieve voorzieningen, zoals vis- zwem- of aanlegsteigers, picknickplaatsen, speelvoorzieningen, informatiepanelen, fietsenrekken en soortgelijken bouwwerken, met inachtneming van het volgende:

  • a. de voorzieningen mogen geen afbreuk doen aan de bestaande landschaps- en natuurwaarden;
  • b. de voorzieningen mogen geen onevenredig grote verkeersaantrekkende werking hebben en er mag geen verslechtering optreden in de verkeersafwikkeling ter plaatse;
  • c. de voorzieningen dienen openbaar toegankelijk te zijn.

23.4 Specifieke gebruiksregels

Met betrekking tot het gebruik gelden de volgende regels:

  • a. ten behoeve van steigers gelden de volgende gebruiksregels:
    • 1. een steiger mag uitsluitend gebouwd worden ten behoeve van het gebruik op de aangrenzende gronden;
    • 2. aan elke steiger mogen maximaal 2 boten worden aangelegd;
  • b. het afmeren/aanleggen van (plezier)vaartuigen bij wijze van opslag langer dan 1 week is niet toegestaan, met uitzondering van ten hoogste 2 vaartuigen per (bedrijfs)woning of recreatieonderkomen aangrenzend aan het betreffende perceel.

23.5 Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het gestelde in lid 23.4 onder b, teneinde het afmeren/aanleggen van (plezier)vaartuigen bij agrariërs en openbare recreatieve doeleinden toe te staan, met inachtneming van het volgende:

  • a. het afmeren/aanleggen betreft een nevenactiviteit bij de bestaande hoofdfunctie;
  • b. het afmeren/aanleggen mag geen onevenredige negatieve effecten hebben op het water/recreatieverkeer;
  • c. er mogen ten hoogste 15 (plezier)vaartuigen afmeren/aanleggen aan 1 of meerdere steigers;
  • d. parkeren vindt plaatst op eigen terrein;
  • e. de steiger mag uitsluitend parallel aan de oever gerealiseerd worden;
  • f. het afmeren/aanleggen mag de landschappelijke en natuurlijke waarden van de oevers en de aangrenzende gronden niet onevenredig aantasten.

23.6 Wijzigingsbevoegdheid

Burgermeester en wethouders zijn bevoegd om ter plaatse van de aanduiding 'wro-zone-wijzigingsgebied-2' de bestemming Water te wijzigen naar de bestemming Recreatie-Dagrecreatie met de aanduiding 'jachthaven', met inachtneming van het volgende:

  • a. de uitbreiding heeft alleen betrekking op het bestemmingsvlak Recreatie-Dagrecreatie, jachthaven, het bouwvlak van de jachthaven mag niet worden vergroot;
  • b. de uitbreiding van de jachthaven dient milieu-hygiënisch inpasbaar te zijn; er mogen geen onevenredige beperkingen voor omliggende, bestaande (agrarische) bedrijven optreden (dit betreft zowel de bestaande bedrijfsvoering als de uitbreidings- en ontwikkelingsmogelijkheden);
  • c. de uitbreiding mag niet leiden tot onevenredige aantasting van de bestaande natuurwaarden;
  • d. de initiatiefnemer dient met een schriftelijke advies van een deskundige inzake natuur aan te tonen dat aan het gestelde onder c wordt voldaan;
  • e. met de uitbreiding mag de jachthaven de drempelwaarden uit de D-lijst bij het Besluit m.e.r. niet overschrijden;
  • f. de publieks- en/of verkeersaantrekkende werking van de locatie mag door de uitbreiding niet onevenredig worden vergroot en de bestaande infrastructuur dient berekend te zijn op de nieuwe activiteit;
  • g. na planwijziging gelden ter plaatse de regels van artikel 14.